dinsdag 24 april 2007

Wet wet wet

Waarom hebben we het niet bij zwemmen met dolfijnen gelaten... We snorkelen rond in het water. Wendy duikt achter Emelia weg; was dat nou een haai??!!! En wij zwemmen hier gewoon... Bibber angst, maar we hebben gehoord dat het kan, dus rustig blijven ademhalen en kijken naar deze mooie dieren. Oh nee opeens zijn het er erg veel, wat nu?? Waar is ons bootje gebleven, nee rustig blijven ademhalen, in en uit....
Emelia wenkt Wendy en kijkt van de ene naar de andere haai, Wendy kijkt, maar is nog niet helemaal gerust. Nog even blijven kijken dan... en na een tijdje veilig weer in ons bootje. We zijn op zoek geweest naar black tip reef haaien die zich ophouden in de vele riffen voor de kust van het eiland Koh Tao. Een totaal andere ervaring dan het toch wat meer relaxte zwemmen met dolfijen. Maar inmiddels is er ook wat tijd overheen gegaan sinds we van "Honey" de dolfijn lieve kusjes hebben gekregen.

Na het eiland Koh Chang (waar we met de dolfijnen hebben gezwommen) en Bangkok (waar we met name weer van het stadsleven hebben genoten) zijn we naar Krabi in het zuiden van Thailand vertrokken. Nadat we vermoeid uit de nachtbus rollen, brengt een pickup truck ons naar het eerste de beste resort wat ze ons aanbieden. Met een duffe kop en totaal gedesorienteerd (waar zijn we eigenlijk?) besluiten we maar om met "de flow" mee te gaan. Achterin de bak van de pickup kunnen we mooi rondkijken terwijl de wagen over de bochtige wegen scheurt. De omgeving rondom Krabi is vergeven met kalkrotsen die overal en nergens uit de grond geschoten lijken te zijn en meters boven ons uit doemen. Prachig om te zien! Af en toe zien we al een glimps van de zee. Opvallend is dat je hier in het zuiden de invloed ziet en hoort van het buurland Maleisie. Veel Thaise mensen hier zijn geen boedhist maar moslim. We zien dan ook veel minaretten van moskeeen en horen de roep voor het gebed.

Ons eerste onderkomen hier blijkt wat verder weg van de "actie" dan verwacht. Het is echter wel een mooie rustige plek. Maar we willen ook nog wat zien en doen, dus de volgende dag verhuizen we per pickup truck naar Ao Nang, waar we een heel wankel longtail bootje pakken naar het schiereiland Railay. We houden angstvallig onze tassen zo hoog mogelijk op ons lichaam, aangezien we eerst door de branding moeten waden om bij het bootje te komen. Gelukkig hebben we een "droogtas" in Koh Chang aangeschaft voor dit soort omstandigheden, waarin onze spullen zitten die niet nat mogen worden. Enne het gaat nog natter worden, zeker met het Songkran festival in zicht, waar heel water in omgaat. Maar daarover later meer. Railay is een prachtig schiereiland waar je alleen met de boot kan komen. Het gedeelte waar Railay vastzit aan het vasteland bestaat namelijk uit gigantische kalkrotsen. Eigenlijk is Railay 1 groot park van rotsen, met daartussenin, prachtige baaien met witte stranden. We gaan op ontdekkingstocht en vinden dan ook het een na het andere mooie strand omgeven door kalksteenrotsen! Stel je een pad voor wat door de jungle loopt, langs een rots van 50 meter hoog. Het is een beetje schemerig, opeeens zie je wat meer licht en loop je rechtstreeks het zonlicht in. Een wit strand met een diepblauw soms groene zee spreidt zich voor je uit. In de verte doemt er een rots uit het water, begroeid en wel. Dit alles omlijst door meer rotsen aan weerszijden van het strand, alsof je veilig omarmt wordt door de bergen...
En omarmd worden die rotsen hier, want Railay is naast een strandbestemming ook een mekka voor rotsklimmers. We gaan dan ook met een gids en een andere klimmer mee om een paar rotsen te beklimmen. Emelia om te klimmen en Wendy met het fototoestel in de aanslag. Wat is het toch anders dan indoor klimmen! Hier is het constant op zoek gaan naar de natuurlijke greepjes en voetplekjes i.p.v. op kleurgrepen klimmen. Maar wat is het leuk! En het uitzicht als je je eindelijk naar boven hebt kunnen hijsen is overgetelijk! Zo mooi!
We zijn niet de enige hier die klimmen. Veel mensen om ons heen zijn op allerlei niveau ook bezig. Wat erg prettig is voor de sfeer op Railay. Klimmers creeren wel een bepaalde relaxte sfeer hier, die in prettig contrast staat met de luxe resort gasten die hier ook rondlopen of eigenlijk moeten we zeggen, met name rondliggen op het strand of naast het zwembad....Het blijkt dat we niet zulke bruinbakkers zijn, dus niet hele dagen op het strand voor ons, maar tussendoor ook wandelen, rondkijken, snorkeltripjes (naar Ko Phi Phi), foto's maken en natuurlijk lekker luieren.

We horen in Railay dat het komende tijd heel druk gaat worden vanwege het Songkran festival. Het Thaise nieuw jaar wordt daar mee ingeluid. Veel Thaise mensen hebben dan vakantie en gaan op pad. We besluiten deze stroom van mensen voor te zijn en Railay de dag voor Songkran te verlaten voor Koh Tao. We hebben mazzel: we zitten met z'n tweeen prinsheerlijk in een minibus. Lekker de ruimte dus als we naar Surat Thani sjeezen aan de andere kant van de Thaise kust (oostkant). Hier pakken we de nachtboot naar Koh Tao. Dit is een ervaring op zich. De boot lijkt een beetje op een vistrawler. Bovenop een overdekte dek/cabine waar allemaal matrassen in liggen. Hier slapen we als sardientjes in een blik met een stuk of 50 personen, Thais en van het reizigerssoort. Zo tuffen we de nacht in die eindigt met een nogal ruwe aankomst in Koh Tao. De laatste uren van de tocht begint het namelijk te regenen en de zee begint op te spelen. Gelukkig hebben we nog wat reispilletjes bij ons...

Een nat Koh Tao verwelkomt ons. Hoe toepasselijk aangezien vandaag ook het Songkran festival is begonnen. Hiermee wordt het Thaise nieuw jaar gevierd. Dit doet men door met veel water naar elkaar te gooien om elkaar een schoon en daarmee goed nieuw jaar te wensen (een schone lei, door het oude jaar weg te spoelen). Nadat we ons geinstalleerd hebben in Ao Leuk. Een kleine rustige baai op Koh Tao, lopen we naar het dorp en kopen daar twee waterpistooltjes in de vorm van het clownvisje "Nemo". We zijn namelijk al meerder malen drijfnat gemaakt door feestvierders met emmers water en supersoakers die allerlei plekken staan opgesteld of voorbijrijden in pickup trucks. We moeten ons toch kunnen verdedigen! Naast het watergooien wordt er ook met talkpoeder gegooid. Dus je kunt je wel voorstellen hoe we eruit hebben gezien.
Koh Tao is klein en daardoor rustig. Weinig verkeer en maar 1 geasfalteerde weg van Noord naar Zuid. Weinig feestvierders ook omdat veel mensen hier hun open water PADI willen halen of hoger niveau. Veel duikscholen dus hier. Wij maken ook nog twee fundives, die voor Emelia (dankzij een zeeziek pilletje) een stuk soepeler verlopen dan anders. Voor de rest genieten we ontzettend van de rust en vrede hier op het eiland. We beleven hier het ultieme eilandgevoel waar dagen in elkaar opgaan en we eigenlijk niet meer weten wat voor dag het vandaag is. We zeggen vaak tegen elkaar: "Hoe laat is het?" En zeggen dan als reactie daarop: "Maakt het wat uit dan!". Ondanks het weinige besef van tijd hier moeten we bij de les blijven. We hebben nog anderhalve week, dus we besluiten nog 1 eiland te gaan bezoeken voordat we teruggaan naar Bangkok. Omdat we daar ook begonnen zijn aan het begin van de reis besluiten we om de cirkel rond te maken en terug te gaan naar ons resort op Koh Samui. Het is weer heerlijk om hier mee te doen aan de ochtendmeditatie, volledig wakker te worden door mee te bewegen in de yogaklas en ons lichaam en geest te voeden met eerlijk en gezond eten. Fijn om weer terug te zijn! Hier zijn we de reis echt begonnen en hier gaan we deze ook beeindigen. We zijn daarna nog twee dagen in Bangkok (wat voor ons als een soort thuisstad voelt) en vliegen op de 29ste terug om op Koninginnedag weer op Nederlandse bodem te landen.

donderdag 5 april 2007

"Dolfijn"


We verblijven nog een tijdje in Siem Reap om wat bij te komen van de dagen in Angkor en kijken om ons heen wat dit plekje nog meer te bieden heeft.
We huren een bootje wat ons een naar smaakje achterlaat, onze priveboot kost ons namelijk 30 dollar, (wat op zich niet erg is) maar laat ons het vreselijke arme leven zien op water. Mensen die daar wonen met bijna niets, en kijk ons dan eens zitten op ons bootje.. Met kromme tenen varen we verder, en horen om ons heen de mensen smeken om geld. We vragen ons af waar die 30 dollar van ons naartoe gaat, waarschijnlijk niet naar deze mensen, waarom zitten we hier? Dit soort contrasten blijven moeilijk..

Gelukkig duurt dit tripje maar kort en vertrekken we weer samen met onze tuktuk chauffeur naar Siem Reap, onderweg zien we een gigantische rij kinderen en moeders staan voor het ziekenhuis. Het blijkt dat de knokkelkoorts epedemie is uitgebroken.. Arme kinderen!

Waar gaan we na Siem Reap naartoe is ons dilemma nu? Nog een stukje Laos, of Bali komt zelf ter sprake, of toch terug naar Thailand.. Terug naar Thailand doet ons des te meer beseffen dat we aan het eind komen van onze reis, alhoewel Thailand nog heel veel te bieden heeft..
We besluiten naar Ko Chang te gaan een eiland aan de oostkust van Thailand, niet zo heel ver van Cambodja.
De rit ernaartoe is afzien. We zitten in een bloedhete bus (zonder airco) en rijden over zanderige onverharde wegen, alhoewel de afstand in feite kort is duurt het toch zo'n 12 uur voordat we uiteindelijk op de boot richting het mooie eiland zitten.


Koh Chang is echt erg mooi, en rustig, alhoewel we mensen spreken die hier 5 jaar geleden zijn geweest en het niet meer terug kennen, ze hebben bijvoorbeeld nu supermarkten (7 elevens) en we kunnen er pinnen! Ons verouderd reisboek verteld ons wederom dat dit nog niet kan.
Tja wat doe je op zo'n eiland.... lezen, zonnen, relaxen, eten, drinken, snorkelen maar wat we ook hebben gedaan en waarvan we een dag helemaal van in jubel stemming zijn is: "zwemmen met dolfijnen"! Wat een prachtige mooie dieren zijn dat toch!

Na een aantal dagen vertrekken we naar Bangkok, wat weer als vertrouwd voelt, we logeren weer in "ons" guesthouse waar de vriendelijke mensen ons nog kennen!
We ruilen deze dagen al onze afgedragen reiskleding in voor een nieuwe zomercollectie, geven onze oude kleren op straat aan een verkoper die zich helemaal bejubeld. We zullen er weer goed opstaan wanneer we terugkomen!

Over een aantal dagen gaan we richting de west kust:Krabi is dan onze bestemming!

maandag 26 maart 2007

Vaarwel Vietnam, hallo Cambodja

Nog even in Vietnam
Maar we gaan nog niet naar huis, nog lange niet...We varen namelijk wederom op de Mekong en wel bij het eind van deze gigantische levensader van Azie. De Mekong delta in Vietnam is de laatste bezienswaardigheid die we in dit land aandoen. Vanuit Ho chi Minh varen we twee dagen door de Mekong delta om vervolgens door te stomen naar Phnom Penh de hoofdstad van Cambodja. Veel water en veel bedrijvigheid kenmerken de Mekong Delta. Op het water wordt alles gedaan. We bezoeken daarom ook een drijvende markt. In tegenstelling tot de drijvende markt van Bangkok is dit geen toeristenmarkt en wordt hier daadwerkelijk handel gedreven door de vietnamezen. We horen dat de handel op het water ontstaan is doordat er vroeger geen belasting betaald hoefde te worden wanneer je op het water je handeltje dreef. Daarmee zijn grote drijvende markten ontstaan. Op dit moment dient er wel belasting betaald te worden maar dat is nog steeds minder dan op het vasteland. We kijken onze ogen uit op de drijvende markt. Leuk om te zien is dat de koopwaar op de boot van meters ver al te spotten is. Bij wijze van etalage wordt de koopwaar opgehangen aan een hoge stok op de boot (als een soort vlag). Dus als je ananas verkoopt heb je deze in je vlaggemast hangen. We merken nu we weer op het water zitten dat we nog de vermoeidheid van onze avonturen met Bass en Danny in ons lichaam. We sukkelen allebei een beetje met zere keeltjes en gehoest. Of komt het door die vervelende malariapillen die we in voorbereiding voor Cambodja al aan het slikken zijn?

Nu we inmiddels in het droge-hete seizoen zitten lopen de temperaturen aardig op. Zweten dus: maar voor Emelia ook wat extra angstzweet, want we zitten niet altijd op de meest stabiele bootjes op de Mekong. Nat pak en daarmee ook natte camera e.d is niet zo'n prettig vooruitzicht plus de Mekong heeft verraderlijke stromingen dus even naar de kant zwemmen (de kant is ook heel ver weg als je midden op de rivier zit...) is niet zo makkelijk. Onze gids vertelt dat er vorig jaar een veerboot in het regenseizoen, wanneer de Mekong heel hoog staat, is gekapseisd. 300 kinderen die hier op het water wonen en op weg waren naar school zijn toen omgekomen. Een triest voorbeeld hoe gevaarlijk het leven op de Mekong kan zijn. Desondanks wisselen we op onze trip wel een stuk of vier keer van boot en dat allemaal midden op het water. Maar het is allemaal de moeite waard als je door middel van een roeibootje door een mangrove vaart waar bijna geen zon komt door alle palmbomen die aan weerszijden groeien. Palmbomen die heerlijke kokosnoten produceren waaruit weer veel producten gemaakt kunnen worden zoals het onovertroffen kokos-snoepje! Op een eiland in de Mekong bezoeken we de kokos-snoepjes "fabriek". Het betreft hier twee hutjes waar door middel van een houtoven een mengsel van geraspte kokos, kokos melk, tapioca en palmsuiker een heel lekker snoepje wordt gemaakt. Denk aan een "Werther's Echte" maar dan met kokos en spikkeltjes pinda er door heen...Yummie!!!!
Stroompopwaarts varen we richting Cambodja. De schipper neemt hiervoor een sluiproute door een kanaal dat al tijden geen baggerboot meer heeft gezien, zo ondiep is het. We varen er daarom zeer langzaam doorheen. Door de lange tocht, gecombineerd met de hitte voelen we ons bijzonder loom en vragen we ons af: wanneer gaan we nou de grens over? Maar voordat we versmolten zijn met de plastic stoeltjes zien we aan de linkeroever twee vietnameze vlaggen fier wapperen. Het blijkt de Vietnameze grenspost te zijn. Op een schijnbare willekeurige plek is een douanepostje opgezet waar we onze departure stempel moeten halen. In de rij staan; want we zijn niet de enige! Dit is namelijk 1 van de twee grensposten van Zuid-Vietnam naar Cambodja. Veel andere reizigers dus. Zijn we nu klaar? Nee we varen weer een stukje door naar het douane kantoortje van Cambodja voor ons visum en een velerlei stempels die zeer vakkundig en serieus door een Cambodjaanse beamte in onze paspoorten wordt gezet. Vanaf nu is het geen Vietnameze dong meer maar de Cambodjaanse Riel. Alhoewel de Riel is zo weinig waard dat bijna alles in US dollars gebeurt (als je pint in Cambodja krijg je US dollars; de lonely planet "bijbel" gaf namelijk aan dat er geen pinautomaten waren in Cambodja. Wij dus blij verrast want het gaat hier hard met ons geld...)

Phnom Penh
Aangekomen in Phnom Penh, worden we al snel geconfronteerd met de vele straatkinderen daar! De avond dat we aankomen worden we aangesproken door een jongetje van zo'n 8 jaar oud, maar wat gedraagt hij zich al volwassen! Hij vraagt ons wat te kopen van hem. We praten wat met hem maar kopen niks ( wat moeilijk is, maar aangeraden wordt door alle social workers hier, zodat de straatkinderen straks door hen geholpen kunnen worden en niet langer op straat leven, op die manier wordt het niet in stand gehouden) wat we dan opeens naar ons hoofd geworpen krijgen: figuurlijk dan.... ook de dag daarna is hij ons nog niet vergeten en schopt tegen de tas van Emelia! pfff wat is het leven hier hard voor zulke kleine kinderen.
Gelukkig zien we hier veel Non Government Organisations (NGO's). Sinds het definitieve einde van het schrikbewind van de khmer Rouge (lees daarover later meer) en de aanwezigheid van de blauwhelmen van de Verenigde Naties in Cambodja hebben veel ontwikkelingshulp organisaties zich hier gemanifesteerd. Niet verwonderlijk aangezien Cambodja 1 van de armste landen in dit gedeelte van de wereld is en er ontzettend veel extra leed is door het geweld wat in de jaren '70 t/m '90 heeft plaatsgevonden. Waar ze nu nog steeds mee kampen. Denk maar aan de vele landmijn slachtoffers. Want die "krengen" liggen nog op teveel plekken! Een goed voorbeeld van een mooi iniatief is de "Friends" organisatie. Deze leidt straatkinderen op om uiteindelijk in de horeca/toeristenbusiness te gaan werken. Ze hebben hiervoor een restaurant ingericht (heerlijk eten trouwens!). Het biedt ze daarmee hoop voor de toekomst. dit is slechts 1 van de voorbeelden van NGO's die we alleen in Phnom Penh al zijn tegengekomen. Een leeszaaltje anex kinderopvang, een winkeltje met handgemaakt speelgoed door gehandicapten, koffiehuis gerund door minderbedeelden enzovoorts. Al die initiatieven inspireren wel om zelf iets in deze richting te gaan doen. Het zal echter aan de achterkant vast een stuk moeilijker op te zetten zijn, dan we denken. Als westerling heb je toch te maken met een ander systeem (denk o.a. aan de hoge mate van corruptie die in dit land ruimschoots aanwezig is), cultuurverschillen, gebrek aan fondsen en nog veel andere zaken. Maar de NGO medewerkers hebben het hier niet zo slecht hoor! Wat wel opvalt is dat er natuurlijk hard getrokken wordt om de leefomstandigheden voor veel Cambodjanen te verbeteren. Maar de NGO's zorgen ook wel erg goed voor hun medewerkers. We komen in Cambodja veel NGO medewerkers tegen die even een lang weekendje een stukje Azie bekijken,nu ze hier toch zitten (en geef ze eens ongelijk). En Phnom Penh is erg bruisend qua restaurant en nachtleven, vanwege de vele expats die hier zitten. Dit oorspronkelijk geinitieerd door de blauwhelmen die hier zaten. Een beetje dubbel want je maakt met een avondje westerse restaurant en bar toch wel het equivalent aan dollars op waarvan een heel Cambodjaans gezin een paar dagen kan rondkomen. Maar ook weer begrijpelijk want voor de meesten is het toch hard werken ver van huis in een vreemde omgeving. Ondanks de kanttekeningen vragen we ons toch stiekem af of dit niet iets voor ons zou zijn. Met name voor Wendy ligt de wens om hier in Cambodja of elders iets in deze richting te doen toch wel aan de oppervlakte. Per slot van rekening zijn er overal ter wereld (ook in Nederland!!!) veel mensen die hulp behoeven!
We genieten van Phnom Penh en vinden het een leuke stad. We vragen ons af waarom sommige mensen dit een vreselijke bedreigende stad vinden. We hebben namelijk op de reis van Vietnam naar Phnom Penh een aantal reizigers gesproken die al eerder hier zijn geweest. Een meisje heeft aangegeven dat ze het een onplezierige stad vindt waar ze zich onveilig heeft gevoeld. een ander meisje heeft ons toevertrouwd dat ze het juist een heel leuke stad vindt. We hebben natuurlijk zelf onze mening gevormd door zelf Phnom Penh te bezoeken. En we vinden het eerlijk gezegd geweldig om hier door de stad te sjezen achterop een motortaxi (met z'n tweeen achterop, zoals de cambodjanen)en de bezienswaardigheden te bekijken. En tuurlijk heeft elke stad zo z'n gevaren, maar met wat voorzorgsmaatregelen en in achtneming ligt het toch aan ieders eigen perceptie hoe je iets ervaart! Wat dat betreft maak je dus je eigen wereld!
The killing fields
In de jaren '70 heeft Cambodja in haar geschiedenis 1 van haar donkerste periodes meegemaakt. Vanaf 1975 tot 1979 maakte de extreem communistische Khmer Rouge de dienst uit in dit land (in 1979 werd Cambodja bevrijd door de Vietnamezen, waarna het tot ver in de jaren '90 een zeer gevaarlijk land was om te bezoeken. Overgebleven Khmer Rouge groeperingen hebben bijvoorbeeld in '94 een aantal toeristen vermoord. Gelukkig is het nu weer veilig om dit mooie land te bezoeken. Zeker sinds de dood van de meest beruchte Khmer Rouge leider Pol Pot in '98. Echter veel Khmer Rouge leiders zijn nog steeds niet berecht, dus het is nog niet helemaal voorbij).
Na een burgeroorlog werd de Khmer Rouge door grof geweld de baas in het land. Gegrond op extreem communistische denkbeelden werd het jaar nul afgeroepen (een nieuw communistisch begin forcerend). Dit hield in dat alle cambodjanen gedwongen werden mee te doen/medewerking te verlenen aan een bijna niet voor te stellen revolutionaire omwenteling met radicale gevolgen (dit gebeurde merendeel onder grof geweld). Volgens de communistische leer dienden alle burgers
onder leiding van de Khmer Rouge kader zich naar het platteland te begeven om daar als landbouwers/arbeiders in grote werkkampen te werk worden gesteld voor het groter goed van de communistische staat van het "democratische Kampuchea" zoals Cambodja door de Khmer Rouge genoemd werd. Om die reden werd de hoofdstad Phnom Penh geheel ontruimd en werden honderdduizenden cambodjanen weggerukt van huis en haard. De Khmer Rouge hadden ook een grondige hekel aan degenen die met de voormalige regering gewerkt hadden of gestudeerd hadden of tot de middenklasse behoorden in dit land. De enige "goede" mensen volgens hen waren onopgeleide landbouwers van ware Khmer afkomst(veel Cambodjanen in de steden zijn van gemengde afkomst: chinees, vietnamees, thais, et cetera en zijn daarmee verdacht). Om die reden zijn vele cambodjanen en hun gezinnen op gewetenloze wijze gemarteld en vermoord. Studenten, artsen, ambtenaren, voormalige militairen, wetenschappers en monikken werden op deze manier uit de samenleving "gezuiverd". Zelfs als je een bril op had was je verdacht (want dan had je in de Khmer Rouge beleving gestudeerd of was je een studiebol...). Burgers werden onder marteling gedwongen medeburgers te verraden die zich voor deze terreur schuil hielden door over hun afkomst te liegen. Zo zijn in 4 jaar tijd miljoenen Cambodjanen gestorven aan uithongering, marteling en executies.
Als bezoeker zijnde aan dit land hebben we met ogen kunnen zien en enigszins voelen wat de impact moet zijn geweest van het Khmer Rouge bewind voor Cambodja en haar burgers. In Phnom Penh bezoeken we "S21" een voormalige middelbare school die tijdens de Khmer Rouge periode gebruikt werd als gevangenis, waar martelingen orde van de dag waren. Het is heel eng om op het schoolplein de galg nog te zien staan en de vele martel klaslokalen door te lopen. Meest indrukwekkend zijn echter de foto's van de slachtoffers. De Khmer rouge was nogal trots op hun "werk" en hield van elke gevangene dossiers bij met front- en zij- foto's. Deze foto's zijn nu te zien zodat we deze vreselijke periode nooit zullen vergeten. Wij schrikken erg van de blikken die de gevangenen in de ogen hebben. Je kunt erg goed zien wat hun allemaal is aangedaan. Het varieert van zeer boze machteloze blikken tot en met de lethargische doodse blikken van degenen die na vele martelingsessies de hoop hebben opgegeven en het liefst willen sterven... Na S21 werden veel gevangenen gexecuteerd. Dit gebeurde in een gebied wat nu de Killing Fields heet. Op deze voormalige plantage staat nu een herdenkingsmonument met daarin de schedels en botten van de veelal anonieme slachtoffers (identiteit is vaak niet meer te achterhalen). Het is bijna niet voor te stellen dat hier duizenden mensen simpelweg zijn afgemaakt. Vaak doodgeknuppeld omdat kogels te duur waren. Van baby's tot en met bejaarden. Niemand ontkwam aan de meedogenloosheid van hun eigen landgenoten behorende bij de Khmer rouge. Deze vreselijke geschiedenis is voor ons nog meer gaan leven doordat we de film "the Killing Fields" en het boek "First they killed my father" hebben gezien en gelezen. Zeer de moeite waard voordat we deze herdenkingsplekken hebben bezocht. Met name de emoties achter deze twee verhalen heeft ons zeer aangegrepen. Een vreemd idee om tijdens een reis/vakantie dit soort plekken te bezoeken, maar essentieel om Cambodja en de Cambodjanen beter te begrijpen.
Voor onze rust en een stukje natuur nemen we de bus naar de Ratanakiri provincie in het Noord-Oosten van Cambodja. Dit is een lange tocht van meer dan 12 uur waarvan het laatste traject over een onverharde zandweg gaat met diepe kuilen. Rode stof beneemt ons het uitzicht (de continue stof is funest voor contactlenzen, dus even niet voor Emelia ;-). Beetje Camel Trophy gevoel hier in het ruige Noord-Oosten!We nemen onze intrek in een Eco-lodge midden in de jungle. Wat een verademing is het hier: rust en stilte omgeven door prachtige natuur. We doen hier een trekking die ons langs rustieke dorpjes laat komen. Omdat het toerisme hier nog in de kinderschoenen staat zijn dorpelingen nog niet echt gewend aan buitenlanders die langskomen. Menig peuter duikt verschrikt weg als we een dorp binnenwandelen. Dit in tegenstelling tot de trekkings in Thailand, waar alle kinderen in de dorpen al voor je neus staan met hun koopwaar, voordat je goed en wel het dorp binnen bent. We zien dus een aantal verschrikte gezichtjes wanneer we passeren. Met name Wendy trekt veel belangstelling met haar blonde haar. De mensen hier leven van de landbouw. Populair is natuurlijk rijst (dit blijft Azie!) maar ook andere gewassen en cashew noten. In opkomst zijn de rubberplantages, maar die zijn bijna allemaal in handen van rijke Cambodjanen uit Phnom Penh. Wat we erg leuk vinden is te aanschouwen hoe mensen hier leven. We zien een groep vrouwen een stuk jungle rooien en platbranden om hier weer landbouwgrond van te maken. Dit wordt allemaal nog met de hand gedaan. Ook bezoeken we de plaatselijke "badkamer" (wat een paar honderd meter van het desbetreffende dorp verwijderd is). Door middel van een bamboe buizen systeem wordt een bergstroompje omgeleid naar een eenvoudig bamboe platformpje waar onder 4 buizen het hele dorp zich kan wassen, de vaat kunnen doen en de was. En dit allemaal in de open lucht!!! Mooi om te zien, maar ook het besef dat als je wil douchen je toch eerst een wandeling moet maken van een kwartier. Een dubbel gevoel ook dat we in onze hotelkamer een lekkere douche hebben met alle westerse (vaak overbodige) verzorgings producten bij de hand. Spullen die er niet veel toe doen als je eerste prio eten en onderdak is...
We huren mountainbikes en bezoeken de hoofdstad van de provincie Ban Lung. Meer een slaperig, stoffig dorpje dan een echte stad (in de hoofdstraat liggen 3 geiten midden op de weg, zo druk is het daar dus...). De markt is 1 grote modderpoel waar in de kraampjes groenten, fruit en bloederig vlees (veelal is door de vorm het desbetreffende dier nog iets te goed voor onze smaak te herkennen) in de openlucht wordt verkocht. Voordat we teruggaan naar Phnom Penh nemen we nog een duik in een vulkanisch meer in de buurt. Yaklom lake is adembenemend mooi, warm water en we zijn met heel weinig mensen. Ideaal! En een mooie afsluiter van ons bezoek hier.

In Phnom Penh genieten we nog 1 dagje van de faciliteiten die een grote stad te bieden heeft, voordat we naar Siem Reap reizen. De uitvalsbasis voor een bezoek aan het Angkor tempel complex. Dit staat hoog op ons verlanglijstje om nog te zien. Als we met onze gehuurde "tuk tuk" met chauffeur voor het eerst de lange weg naar Angkor Wat (grootste tempel van het complex) rijden voelen we een beetje spanning. Dit is waar iedereen het over heeft: de mooiste en grootste tempels van de wereld! Angkor stelt niet teleur. Het is alsof we door een sprookje lopen. De ene tempel is nog mooier dan de andere. Ze zijn niet allemaal in dezelfde staat van onderhoud, maar de sfeer alleen al is geweldig! En dan te bedenken dat mensen vanaf de 12de eeuw zonder machines e.d. dit gigantische complex hebben gebouwd, ongelooflijk! Alleen het gedetailleerde beeldhouwwerk en de 'carvings/basreliefs zijn niet voor mogelijk te houden. De schaal is immens. Onze vriendelijke tuk tuk chauffeur mr. Han rijdt ettelijke tientallen kilometers per dag om ons van tempel naar tempel te brengen. Eigenlijk zijn de tempels waarvan men besloten heeft die in oorspronkelijke staat te houden (overwoekerd door de jungle) nog wel het mooist. Inderdaad een sprookje waar menig hollywood film al gebruik van heeft gemaakt als decor. De tempel waar de film "Tombraider" is opgenomen wordt tegenwoordig zelfs al zo genoemd in alle gidsen. Kraampjes binnen het complex hebben de DVD te koop met het gezicht van Angelina Jolie op de voorkant als Lara Croft. ook hier heeft de commercialisering toegeslagen! Over Sprookjes gesproken. We hebben een continue grapje met z'n tweeen dat de tempels en architectuur in Zuid-Oost Azie wel erg veel gejat hebben van de Efteling. Of is het andersom ;-) Want we hebben af en toe een beetje een sprookjesbos gevoel....Maar de zonsopgang bij Angkor Wat kan geen enkel pretpark evenaren!!!!

vrijdag 9 maart 2007

Springrolls & Rice Noodles

Vanuit het vredige Laos staan we nu opeens in het overvolle, hectische Hanoi (hoofdstad van Vietnam). Overal om ons heen wordt geclaxoneerd en er rijden meer scooters en brommers rond dan we ooit bij elkaar hebben gezien (later blijkt dat iedereen aan het rondrijden is vanweg TET). Lijkt het zo of zijn de mensen hier net iets minder vriendelijk? Ze zijn in ieder geval gehaaster dan we tot nu toe in Azie hebben mogen ervaren, en dat is voor ons even wennen, komend uit het zoals boven al beschreven rustige Laos.

In Hanoi staan onze vrienden Danny en Bas ons op te wachten, heel fijn maar ook raar om hen hier te ontmoeten. Hanoi voelt door hun aanwezigheid een stuk vertrouwder en minder exotisch. Zeker als we onze eerste avond in een "westerse" stijl restaurant met z'n vieren wat eten, voelt het net alsof we even weer in Nijmegen zijn. Ook heel leuk voor de verandering! Zij reizen komende tijd een stuk met ons mee.
De dag dat we aankomen wordt het Tet feest gevierd in Vietnam (Vietnamees oud en nieuw). Tijdens het Tet feest worden alle overledenen herdacht. Ze komen terug naar de aarde, waar in elk huis voor hen geofferd wordt. We zien op kleine tafeltjes veel etenswaar liggen (de kippen zijn niet aan te slepen...) en ruiken overal de geur van wierrook en offer vuurtjes. We bewonderen het grote vuurwerk spektakel aan het meer samen met duizenden vietnamezen. Ooohs en aaahs en geklap en gejuich bij elke mooie fontein van licht en kruit! Erg leuk! Om 00.00 's nachts worden we uitgenodigd bij de familie van het hotel om daar oud en nieuw te komen vieren. We worden volgestopt met traditionele "lekkernijen"; voor ons helaas niet echt een traktatie (jammer dat de springroll; oftewel de vietnamese loempia niet op het menu staat; want dat is ons favoriete voorgerecht gedurende ons verblijf in Vietnam: hoe kan het ook anders :-)! Maar als de oma des huizes (of in dit geval des hotels) breed glimlachend je glas blijft inschenken met een soort wijn en je bord volgooit met eten, kun je niets anders dan glimlachend meedoen.

We besluiten Hanoi te verlaten en vertrekken naar het bergachtige Noord-westen van Vietnam, waar nog veel bergvolkeren proberen op authentieke wijze te leven. Later blijkt in een gesprek met onze gids dat dit steeds moeilijker wordt met alle verlokkingen van de economische vooruitgang voortkomend uit het toerisme.
We trekken vanuit Sapa naar een aantal dorpen; de paden die we volgen zijn omringd door prachtige rijstterrassen in alle kleuren groen. De locale bevolking (met name Black Hmong) loopt met ons mee. Ze proberen onze aandacht te trekken door te vragen hoe we heten, waar we vandaan komen en hoeveel broers en zussen we hebben. Erg knap dat ze door het vele contact met toeristen een aardig mondje engels spreken. Als we Holland zeggen, dreunen ze op: "Holland: small country, tall people". Van wie zouden ze dat geleerd hebben? ;-)Maar in eerste instantie zijn de gesprekjes bedoeld om hun sieraden verkopen: "Ohh buy from me" horen we van de kinderen die samen met hun moeders zo hun bestaan vormen. "You promise!!!" hoe kun je een verongelijkt kindergezichtje dan nog weigeren iets aan je te verkopen...We lopen daardoor al snel met wat extra armbandjes rond. Onze gids Pet kijkt wat bedrukt. Bij navraag blijkt dat ze problemen heeft met haar Red Dzao achtergrond. De Red Dzao is een bergvolk dat sinds mensenheugenis leeft volgens bepaalde tradities. Tradities spelen een grote rol in het dagelijkse leven. Pet's ouders willen dat ze het gidsen opgeeft en terug komt naar het dorp waar uithuwelinking en rijstverbouwen haar te wachten staat. Dit staat lijnrecht tegenover Pet's toekomstdromen, namelijk het zelf kiezen van een partner en hogerop komen in deze wereld (het liefst in Ho chi Min city!)Ze heeft het er moeilijk mee en is bang dat haar ouders naar Sapa komen om haar naar huis mee te nemen.
We overnachten 2 nachten bij de locale bevolking, waar we de heerlijkste maaltijden te eten krijgen ( hoe doen ze dat op alleen een open vuurtje??) en worden getracteerd op heerlijke zelfgemaakte rijstwijn! Door Pet ook wel "happy water" genoemd. Enne happy wordt die Pet er wel van...

Na onze avonturen in Sapa is het een beetje bijkomen op de boot in Halong Bay. Halong Bay ligt in de golf van Tonkin en is in feite een stuk zee waar honderden rotsen vanuit het water omhoog komen. Onwerkelijk en adembenemend mooi. Ondanks dat we bewolkt weer hebben genieten we vanaf het dek van mooie uitzichten en een prachtige sterrenhemel wanneer de avond valt. wederom valt er culinair veel te genieten. Het eten op de boot is geweldig met veel vis en ander lekkers uit de zee. Hoogtepuntje is ook de gigantische grot die we bezoeken, maar we laten de foto's wel spreken over dit gebied.


We reizen van het noorden richting het midden van Vietnam, de keizerlijk stad Hue staat op het programma. Hiervoor nemen we de nachttrein. De rit van 15 uur is een ware uitputtingsslag. We zitten namelijk op kunststof stoelen gedurende de hele rit, weinig beenruimte, veel harde vietnameze jengelmuziek en bij elk station de lucht van urine...een hele ervaring! We troosten ons met het feit dat er nog een treinklasse is die het slechter heeft, namelijk de passagiers op de houten banken.
Hue heeft als grote trekker de DMZ toer. Iedereen die naar Vietnam komt kan niet om het stukje geschiedenis heen wat bij ons de Vietnam oorlog heet en door de vietnamezen heel toepasselijk de Amerikaanse oorlog wordt genoemd. De DMZ (DeMilitarized Zone) toer neemt je mee naar een aantal plekken in Vietnam waar de oorlog z'n sporen diep heeft nagelaten. Indrukwekkend en tegelijkertijd ook leerzaam omdat het ons een beetje inzicht biedt in de impact van de oorlog voor de vietnamezen. Daarnaast wordt ook weer duidelijk hoe gruwelijk en onzinnig oorlog is. Bekende termen zoals: tet-offensief, Hamburger hill, Ho chi minh en Vietcong worden door de uitstekende gids uitgelegd en in de geschiedenis geplaatst en krijgen hierdoor meer betekenis, dan alleen maar namen die je kent van amerikaanse films over de oorlog. De impact van de oorlog is nu nog te zien en te voelen. Waar ooit bossen en wouden hebben gestaan is het nu kaal of voorzichtig weer aan het groeien. Bommen en chemische ontbladeringsmiddelen zoals Agent Orange hebben veel schade aangericht. De bevolking heeft nu nog te lijden van de chemische troep die de Amerikanen hebben uitgestort over dit land. Veel verminkingen, afwijkingen en handicaps bij vietnamezen zijn schrijnend om te zien(onze buschauffeur heeft 2 extra duimen...).

Na een korte stop in Hue reizen we door naar Hoi An. Een openlucht museum met al haar mooie rustieke gebouwen en straatjes. Gelegen aan een schattig haventje; doet Hoi An qua architectuur en met name kleuren een beetje denken aan Mexico. Erg leuk om rond te slenteren en een koffie te pakken op de vele terassen. Dat doen we dus veel! Wendy en Danny doen ook nog mee aan een kookcursus en kunnen nu dus rijstnoedels maken! Verder doen we hier niet zoveel behalve dan heel veel shoppen, want dat is hier ook erg leuk! Zelfs Bas doet mee!

Na al dat geshop zijn we weer toe aan wat rust. De temperaturen zijn inmiddels ook behoorlijk gestegen nu we zuidelijker zijn afgezakt. Op naar het strand dus!
In Nha trang een mooie badplaats rusten we even uit van alle indrukken die we op hebben gedaan. Wendy, Emelia en Danny gaan een dagje duiken en Bas vermaakt zich op het vasteland. Met nog een paar dagen over van de vakantie van Danny en Bas moeten we richting Ho Chi Minh stad, waar hun vliegtuig vertrekt naar Nederland.

Ho Chi Minh, door veel vietnamezen nog stug Saigon genoemd is in alle opzichten een heel andere stad dan Hanoi. Groter en bruisender is het absoluut geen tegenvaller. Hier zie je terug dat Vietnam op de drempel staat naar meer welvaart. Maar voor wie? Alleen voor een kleine groep mensen lijkt het. Want naast de vele borden die de opening van Gucci en andere dure merkwinkels aankondigt, lopen hier om 1 uur 's nachts kinderen van 10 over straat sigaretten te verkopen! Armoede is hier zeer aanwezig ondanks de tekenen van westerse welvaart in de stad. Schokkend om de verschillen zo duidelijk te zien.
Wel fijn is te merken dat de grote amerikaanse ketens nog niet hun intrede hebben gedaan. Die enge clown van Mc Donalds staat hier nog niet te zwaaien op straat. Wel is er een vietnamese variant op de gouden M: Lotteria! Logo lijkt verdacht veel op het amerikaanse voorbeeld. Maar hoe lang blijft de Lotteria nog alleenheerser in hamburgerland? Gelukkig houden de meeste vietnamezen het nog bij Pho (spreek uit: Foe) een rijstnoedelsoep dat als nationaal gerecht kan worden beschouwd. Iedereen eet het hier op elk moment van de dag. Je hebt zelfs Pho ketens zoals Pho 2000 waar Bill Clinton ook nog van een Pho heeft genoten. Voor Danny en Bas helaas even geen Pho meer (maar Danny kan het nu ook thuis maken!) want ze vliegen terug naar Nederland.We nemen afscheid van onze vrienden en kijken terug op een fijne tijd met z'n vieren. Wat gaan drie weken snel voorbij! Het zal wennen zijn om straks weer 3 weken vakantie te hebben als je gewend bent aan een aantal maanden...We merken dat het reistempo er behoorlijk ingehakt heeft. Echter het reistempo gaat vanaf nu weer een tandje lager, omdat we merken dat we daar weer behoefte aan hebben. Voor ons wordt het weer wennen met z'n tweeen. Met z'n vieren is toch wel erg gezellig! maar met nog bijna twee maanden te gaan verheugen we ons ook op de nieuwe avonturen en ervaringen! Af en toe overvalt ons het verlangen om een kort bezoekje aan het thuisfront te brengen (zeker nu we Bas en Danny uitzwaaien), hoe zou het daar zijn? Hoe gaat het met iedereen? Een dubbel gevoel, waaruit maar weer blijkt: "Home is where the heart is"

donderdag 15 februari 2007

Laos

Bam! Vliegen we weer met onze neus tegen de cabine van de pickup-truck aan.
Onze chauffeur heeft besloten weer eens onverwachts op de rem te gaan staan. We zitten in de laadbak van een ”Jumbo”, onderweg naar de Nam Lik rivier (vlakbij Vientiane) voor een dagje kajakken. Ditmaal stoppen we om een brief in een roze envelop op te pikken. Naast mensenvervoer en allerlei andere soorten goederen doet deze Jumbo ook aan postbezorging. Tegenover ons zit een vrouw haar baby borstvoeding te geven. Ze heeft een decoupeerzaag bij zich; we hebben een vaag vermoeden dat ze niet op weg is naar het consultatiebureau...Zo reizen we verder over een stoffige weg, regelmatig stoppend voor nieuwe vrachtjes. De weg is op sommige plekken verhard, maar is vaker een puistige met kraters ontsierde gravelweg dan de wegen die wij in Nederland gewend zijn. Af en toe trotseren we het opstuivende rode stof en steken we ons hoofd buiten de pickup om te zien waar we rijden. 1 lange weg met wat bebouwing en hutjes aan de zijkant, dwarswegen die slechts bestaan uit gestampte aarde en aan de horizon de trillende lucht, want ja het is erg warm hier in Laos!

2 weken eerder: We zitten in Luang Prabang, een van de mooiste steden in Azie volgens de boekjes. Deze keer hebben ze gelijk: het is hier wonderschoon. LP heeft meer sfeer dan een mens kan verwerken. Geen wonder dat UNESCO dit tot world heritage plaats heeft gebombardeerd, zodat dit allemaal bewaard kan blijven voor toekomstige generaties. In dit stadje zien en merken we ook de franse invloeden die zijn overgebleven uit de tijd dat Laos nog tot het Franse Indochine behoorde (samen met Vietnam en Cambodja). Franse architectuur, Franse woorden op borden, baguettes met La Vache qui rit en veel heel veel Fransen die op bezoek zijn in het land waar ze ooit de baas hebben gespeeld....(gelukkig nu niet meer!). Ondanks de toeristen hier is het geen hectische plek, het is erg rustig qua verkeer zodat je heel relaxed met je fietsje kunt rondfietsen. We komen er later in Vientiane (de hoofdstad van Laos) achter dat dit rustige verkeersbeeld overal in Laos van toepassing is. Wat een verademing na het drukke Thailand! We lopen een beetje rond, bekijken wat bezienswaardigheden en genieten van de prachtige omgeving. Wat opvalt is dat kinderen in Laos al jong moeten werken voor hun kostje. In tegenstelling tot het rijkere Thailand zitten kinderen hier niet vanzelfsprekend op school. We horen van
een andere reiziger dat er wel scholen zijn, maar dat de ouders liever opteren om de kinderen maar te laten werken. Verder is er vaak ook geen geld om kinderen die wat verder weg wonen te vervoeren naar school. Zo komen we in LP Pun en Tom tegen. Broer en zus die de kost verdienen met het verkopen van armbandjes en andere prullaria. Als wij in eerste instantie aangeven niets te willen kopen, besluiten de twee dan maar een kleine pauze te houden. Ze diepen allebei wat geld op uit hun portomoneetjes die ze om hun nek hebben hangen en kopen een bekertje yoghurt en een zakje chips. Pun, slimme meid die ze is, gaat naast Wendy zitten om haar yoghurt te
eten. Ondanks dat ze op hun leeftijd al hard aan de slag moeten en daardoor
volwassener overkomen dan ze zijn, zie je het kind er toch doorheen. Ze zitten met bungelende beentjes op het bankje te genieten van hun snack en kletsen en plagen elkaar zoals kinderen op die leeftijd doen. Wendy vraagt aan Pun hoe oud ze is. Ze is 10 en Tom is haar oudere broer. We vragen of ze naar school gaat, maar dat begrijpt ze niet echt. Aangezien ze midden op de dag buiten staan te verkopen zal dat wel niet zo zijn. Ze schijnen de armbandjes e.d. zelf te maken (wanneer doen ze dat dan vragen we ons af: in de avonduren als ze niet aan het verkopen zijn?). we proberen nog wat andere dingen te vragen maar het blijft lastig als je niet dezelfde taal spreekt. Pun heeft zo’n ontwapende glimlach dat we graag een foto van haar
met Wendy willen maken na onze leuke poging tot een gesprekje. Tuurlijk mag dat maar dan moeten we wel wat kopen van haar! Tom haar broer kijkt hierbij ook vragend. Wij lopen dus nu met twee identieke armbandjes rond. Eentje van Pun en eentje van Tom. Maar voor ons gevoel is dat slechts een kleinigheidje want we hebben de jonge verkopers blij gemaakt met een verkoop (ze zien dat als geluk als ze weer wat verkopen, onder het uitroepen van ’lucky, lucky’ zwaaien ze met het gekregen geld over de weinige koopwaren die ze hebben). Ons levert het een mooie herinnering en foto op aan deze o zo volwassen kinderen...

Zelfs het paradijs van LP dient op een gegeven moment achter gelaten te worden voor een nieuwe bestemming. We reizen door naar Vang Vieng, wat een soort reizigers enclave is met veel natuurschoon. De busreis ernaar toe voorspelt al veel goeds. Langs prachtige kalksteenbergen en groene valleien zakken we af naar het zuiden. Dit is nog echt onherbergzaam ruig gebied. Vanuit het busje is het genieten geblazen van het uitzicht. Na elke haarspeldbocht ontvouwt zich elke keer weer overweldigend natuurschoon. Dus maar niet denken aan de weinige centimeters die het busje scheidt met de afgrond...Vang Vieng is in eerste instantie een beetje teleurstellend,
zeker na het sfeervolle Luang Prabang. Het dorpje lijkt wel neergeplant te
zijn in de middle of nowhere slechts bedoeld om het de voorbijkomende
reiziger naar de zin te maken. Na wat rond te lopen doorzien we dat het Vang Vieng gelukkig meer te bieden heeft dan een straat vol toeristenrestaurants en hotels. Het plaatsje wordt omgeven door Kalksteenrotsen die willekeurig uit de grond geschoten te lijken zijn. Dit doorkruist door een rivier en omringd door bossen. Erg mooi! Wandelen, fietsen, grotten verkennen, kajakken, klimmen etcetera is hier allemaal
mogelijk. Maar de ultieme Vang Vieng activiteit (wat iedereen dan ook doet) is tuben over de rivier. In een tractorband heel relaxed over de rivier dobberen. Onderweg zijn er barretjes en waterschommels en trapezes. Erg toeristisch natuurlijk, maar daarom niet minder leuk...Want ondanks het banale van de barretjes langs de rivier en de vrolijke muziek overal, kan niets opwegen tegen de prachtige natuur waar we door heen dobberen!


Ok, dus nu zitten we in Vientiane. Het dagje kajakken hier in de buurt is ons goed bevallen. Ondanks dat we constant met onze Jumbo moesten stoppen hebben we nog een paar uren kunnen kajakken en dat was echt voldoende
(zwaar zeg dat peddelen!). Vientiane is zoals gezegd vrij rustig, voor een hoofdstad heeft het schrikbarend (of geruststellend) weinig verkeer. Het ademt daardoor rust en vrede uit. De Mekong is weer ruimschoots aanwezig. ’s Avonds genieten we van de prachtige zonsondergang aan deze rivier. Met ons vele andere reizigers en de plaatselijke bevolking. Zelfs zij kunnen geen genoeg krijgen van dit dagelijkse schouwspel, want mooi is het zeker! Lekker eten en een Beer Lao dragen bij aan ons gelukkige gevoel dat we in Vientiane zijn. Morgen inpakken en dan naar Hanoi, Vietnam....Dag Laos, voor voorlopig!

zaterdag 3 februari 2007

Een intense tijd...


Waar zullen we beginnen deze keer? Gewoon maar bij het begin lijkt ons...

Harry en Tiny (Wendy's ouders) zijn in Bangkok aangekomen. Het is fijn ze weer te zien. We willen ze graag van alles laten zien hier; maar eerst lekker samen van het thaise eten genieten en over al onze en hun belevenissen kletsen. Omdat ze met een groepsreis mee zijn (Djoser) zien we ze slechts 2 dagen in Bangkok. Daarna vertrekken ze richting het oosten waar wij ze over een paar dagen achterna reizen om met hen te gaan wandelen in het Khao Yai National Park.
De dag dat we willen vertrekken krijgen we een telefoontje (lang leve de mobiel), het is de reisleider van djoser; waarom belt hij nou?? Hij vertelt ons dat het niet goed gaat met Harry, hij kan niet meer praten en lopen gaat erg moeilijk. Het zou wel eens een beroerte kunnen zijn vertelt hij ons, ze moeten zo snel mogelijk terug naar Bangkok om naar een goed ziekenhuis te gaan.
He? Wat zegt hij allemaal?? Dat kan helemaal niet!! Het gaat toch goed met hem dat hebben we een paar dagen geleden nog gezien!! Wat er op zo'n moment in je omgaat is moeilijk te beschrijven......
We vertrekken in alle haast en paniek ook naar het ziekenhuis, maar het duurt lang voordat de ambulance met Harry en Tiny er zijn, ze zitten inmiddels een aantal uren van Bangkok vandaan.
Het wachten op de ambulance maakt het er niet makkelijker op: " hoe zal hij eruit zien, kunnen we dit wel aan??"
Eindelijk zien we een ambulance (die vanuit Kanchanaburi is vertrokken) aankomen. Tiny ziet er verslagen uit. Harry lijkt ons niet te herkennen, hij reageert niet wanner hij naar ons kijkt.
Harry gaat direct onder de scan en wij gaan op de automatische piloot alles regelen, verzekering, ziekenhuis, hotel.

De eerste 3 dagen zijn kritiek vertelt de arts ons (in deze periode kan het nog alle kanten opgaan, dus Harry's toestand zou mogelijk nog kunnen verslechteren). De artsen willen onderzoeken waar de oorzaak ligt van de beroerte en geven opdracht voor een scan en een hartfilm..
Na 3 dagen is de kritieke fase voorbij, en alles is gelukkig stabiel gebleven! De oorzaak is inmiddels ook bekend: hij heeft een herseninfarct gehad waardoor er schade is ontstaan in zijn linkerhersenhelft, dit houdt in dat met name zijn spraakgebied is aangetast. Hij mag van de I.C. af naar een reguliere kamer. Het is heel normaal hier dat wij ten alle tijde bij hem mogen zijn en dat zijn we dan ook. We wisselen elkaar af zodat een van ons dag en nacht hem gezelschap kan houden. Belangrijk omdat hij zeker in de eerste dagen moeite heeft te communiceren met de verpleegsters en de artsen.
Met de dag zien we het gelukkig beter met hem gaan, zijn spraak komt langzaam weer op gang, hij krijgt logopedie en fysiotherapie. De arts komt elke dag met ons praten en neemt werkelijk alle tijd, ook de verpleging is erg aardig en komen bij het minste geringste voor je langs, dat voelt warm en welkom (hoe raar dan ook).
Het is een intense tijd hier in het ziekenhuis met z'n vieren. We zijn iedere minut van de dag bij elkaar en delen alle emoties. Wij beseffen ons dat we er in Nederland nooit zo intensief voor Harry en ook Tiny zouden kunnen zijn en genieten hier ondanks alles van.
Na 14 dagen mogen Harry en Tiny terug naar Nederland vliegen. Wij besluiten hier te blijven omdat we gelukkig zien dat het steeds beter gaat en er vanuit Nederland komt een verpleger overkomt om samen met hen terug te reizen. Het voelt vreemd dat ze terug vliegen na deze intensieve en emotionele tijd.......We genieten nog van onze laatste dag met z'n vieren in Bangkok.

Wij pakken de draad weer op en reizen af naar Chang Mai (Noord Thailand).
Een stad waar we eindelijk weer wat frisse lucht kunnen opsnuiven in een natuurlijke omgeving. We zijn van plan hier even bij te komen van de afgelopen weken.
Echter na twee dagen volgt alweer een telefoontje: De opa van Wendy is overleden (Harry's vader). We wisten dat het niet goed met hem ging, maar hieraan dachten we even niet.
Wat moeten we doen? Vooral Wendy is in tweestrijd met haarzelf, wel of niet terug vliegen? Het is moeilijk en we worden heen en weer geslingerd van de ene naar de andere emotie. We bekijken de vluchten die er zijn, of juist niet zijn. We zouden zondag kunnen vliegen maar redden de begrafenis dan waarschijnlijk niet... Uiteindelijk besluiten we hier opa te herdenken en afscheid van hem te nemen op onze eigen manier. Na de begrafenis krijgen we weer wat rust, we weten dat alles goed verlopen is thuis en hebben zelf goed afscheid genomen. We merken dat we weer om ons heen kijken en ervan kunnen genieten.
We genieten van de natuur die Chang Mai ons biedt, gaan de jungle in en maken een trip naar het hoogste punt van Thailand. En ja we hebben een kookcursus gevolgd, dus ook Wendy kent nu de beginselen van de Thaise keuken en begrijpt Emelia nu beter wanneer ze dit thuis samen in praktijk gaan brengen!! (het thaise eten verveelt ons nog lang niet!)
Na een paar dagen vertrekken we van Chang mai naar de gouden driehoek: Birma, Laos en Thailand. We overnachten daar om de volgende dag over de Mekong naar Laos te varen richting Luang Prabang!

Wouw, wat is die tocht ongelooflijk mooi! We worden gedurende de hele tocht omgeven door een ruig bergachtig landschap! Af en toe onderbroken door kleine dorpjes en bijbehorende tafereeltjes.
Luang Prabang is een klein stadje midden in de ruige natuur ingeklemd tussen de Mekong en de Nham Ka rivier. We kunnen nog steeds niet geloven dat we hier echt rondlopen. Het is een verademing om hier te zijn, bijna geen auto's niet te veel toeristen, de stad ademt rust uit! We ontmoeten veel mensen hier, de sfeer is goed en we genieten van alles om ons heen!!
Vanuit hier trekken we verder Laos in, maar dat de volgende keer...
P.S. We proberen weer wat foto's op de weblog te zetten (zie fotolink rechts) Dus als je dat leuk vindt check deze wanneer je tijd hebt! (ook nog van onze laatste dag in Bangkok met Harry en Tiny!)

zaterdag 6 januari 2007

Koh Samui


Vanuit Bangkok zijn we met de nachtbus richting het zuiden van Thailand gereden. Een lange rit van 700 km plus nog een aantal uur op een boot. Een tocht die ons gelukkig vrij gemakkelijk vergaat doordat we redelijk kunnen slapen in de bus. Koh Samui is begin jaren 70 ontdekt door 2 reizigers en vanaf die tijd volgebouwd met alles om het de toerist naar de zin te maken! Normaliter niet het eiland waar we naartoe zouden gaan, maar we zijn hier gekomen met een ander doel dan feesten in 1 van de vele cafes hier aan de stranden (we zijn echter wel aangenaam verrast door de schoonheid van het eiland!)
Wij zoeken een rustig plekje op voor onze " reiniging" Het resort is mooi en vredig. De mensen die er komen, komen voor hetzelfde programma.
De dagen hier zien er hier allemaal hetzelfde uit. s morgens meditatie, soms yoga, af en toe luieren op het strand, op gezette tijden je ontgiftingsdrankjes drinken.. een bepaalde structuur waarbij je helemaal tot jezelf komt.In deze dagen komen we het resort dan ook bijna niet af, de etenslucht 'buiten' is moeiijk te verdragen. Onze kerst en oud en nieuw zijn dan ook rustig verlopen, samen was het goed zo. We vonden het erg leuk en lief dat zoveel mensen van thuis ons een gelukkig nieuwjaar hebben gewenst.


Het luieren, de rust en het ontgiften van ons lichaam heeft ons goed gedaan, het waren heerlijke dagen. We hebben weer heel veel energie en voelen ons voldaan en trots dat we dit hebben volbracht!
De relaxte sfeer was fijn maar nu staan we weer te popelen om te gaan reizen. We hebben weer de behoefte om dingen te gaan ondernemen, te zien, verrast te worden, te proeven, ruiken en voelen wat we vanaf nu volop gaan doen.

Inmiddels zijn we weer in Bangkok onze "thuisbasis". Voordat we het eiland verlieten hebben we ons nog afgevraagd hoe de sfeer hier zou zijn na de bomaanslagen.
Nu blijkt wel dat de sfeer niet veel veranderd is (het leven gaat door hier in de toeristengetto van Kao San), wel staan op elke drukke hoek van de straat militairen en zijn straten afgezet met hekken...Het tegenovergestelde effect hiervan is dat je je niet veiliger voelt hierdoor, eerder bewuster van de situatie.
We blijven nog een paar dagen hier, maar zullen al snel richting het noorden gaan reizen. Het leuke hiervan is dat we dat gedeeltelijk gaan doen met Wendy's ouders die vanmiddag voor het eerst voet zetten op Thaise bodem. We zijn benieuwd wat ze ervan gaan vinden!